-

Over payroll services

Uitdoving van de vrijstelling sociaal passief in het kader van het eenheidsstatuut

Wij verwijzen naar ons artikel van 9 augustus 2024, waarin we de fiscale vrijstelling voor het sociaal passief bij de invoering van het eenheidsstatuut bespraken.

Deze fiscale vrijstelling wordt echter geleidelijk afgeschaft. Vanaf 1 september 2025 kunnen er geen nieuwe rechten meer worden opgebouwd en vanaf 1 oktober 2025 tellen de lonen niet langer mee voor de berekening. Wat tot dan al is opgebouwd, inclusief de spreiding van de vrijstelling over vijf jaar, blijft volledig behouden.

Wat is het sociaal passief eenheidsstatuut?

Op 1 januari 2014 werd het eenheidsstatuut ingevoerd. Dit statuut bracht de regelgeving rond opzegtermijnen voor arbeiders en bedienden op één lijn. Hierdoor ontstonden langere opzegtermijnen en hogere ontslagkosten.

Om dit te compenseren, besliste de overheid een belastingvrijstelling in te voeren voor ondernemingen die een reserve aanlegden om de ontslagkosten te dekken.

Toepassingsgebied

Werkgevers

De vrijstelling geldt voor zelfstandigen, vrije beroepen en vennootschappen. VZW’s die onder de rechtspersonenbelasting vallen, komen niet in aanmerking.

Werknemers

De vrijstelling kon worden toegepast op:

  • Alle werknemers die minstens vijf jaar ononderbroken in dienst zijn bij de betreffende werkgever vanaf 1 januari 2014;

  • Zowel arbeiders als bedienden, ongeacht de arbeidsregeling;

  • Bedrijfsleiders die verloond en tewerkgesteld zijn als werknemer op basis van een arbeidscontract, mits ze aan alle voorwaarden voldoen. Meewerkende echtgenoten komen niet in aanmerking.

Hoe werkt het?

Werkgevers konden voor elke werknemer die minstens vijf jaar in dienst was sinds 1 januari 2014 een deel van hun winst en inkomsten aftrekken. De zo aangelegde (boekhoudkundige) reserve is belastingvrij voor alle werknemers, ongeacht hun loon. Deze reserve wordt gebruikt voor de gedeeltelijke financiering van de ontslagkosten van de werknemer.

Bij het beëindigen van de arbeidsovereenkomst

De vrijstelling van het sociaal passief is tijdelijk. Wanneer een werknemer voor wie de vrijstelling van toepassing is de onderneming verlaat, stopt de belastingvrijstelling. Het totale vrijgestelde bedrag voor die werknemer moet in het boekjaar waarin hij of zij de onderneming verlaat, worden opgeteld bij de winsten en baten.

Als werkgever betaal je dan de belastingen die in voorgaande jaren niet zijn betaald. De opgebouwde reserve kan echter in mindering worden gebracht op de ontslagkosten van de werknemer, die op hun beurt aftrekbaar zijn van de belastbare winst.

Het voordeel voor de werkgever zit in de intrest op de niet-betaalde fiscale last.

Berekening van de vrijstelling

Het bedrag van de vrijstelling hangt af van het aantal dienstjaren van de werknemer:

  • 3 weken loon per begonnen dienstjaar: voor werknemers vanaf het 6e tot en met het 20e dienstjaar dat na 1 januari 2014 begint;

  • 1 week loon per begonnen dienstjaar: voor werknemers vanaf het 21e dienstjaar dat na 1 januari 2014 begint.

Uitdoofregeling

De Wet van 18 december 2025 schaft de fiscale vrijstelling voor het sociaal passief af.

Er is echter een uitdoofregeling die ervoor zorgt dat eerder verworven rechten behouden blijven.

De belangrijkste punten van het uitdoofscenario zijn als volgt:

Dienstanciënniteit vanaf 1 september 2025 telt niet meer mee

Werknemers die pas vanaf 1 september 2025 vijf jaar anciënniteit bereiken, hebben geen recht meer op de vrijstelling.

Bezoldigingen vanaf 1 oktober 2025 komen niet meer in aanmerking

De maatregel geldt alleen voor lonen toegekend tot en met 30 september 2025. Lonen vanaf 1 oktober 2025 worden niet meer meegenomen in de berekening van de vrijstelling.

Opgebouwde reserves en spreiding over vijf jaar blijven behouden

Reeds verworven rechten blijven volledig behouden. De klassieke spreiding van 20% per jaar over vijf jaar blijft van toepassing, zowel voor in 2025 opgebouwde vrijstellingen als voor rechten uit voorgaande jaren.

Voorbeeld: de vrijstelling in 2024 bedraagt 1.500 EUR en wordt gespreid over vijf jaar

Belastbare periode

2024

2025

2026

2027

2028

Sociaal passief

300 EUR

300 EUR

300 EUR

300 EUR

300 EUR

Praktijkvoorbeeld

Een werkgever heeft drie werknemers: A, B en C.

  • Werknemer A

    In dienst sinds 1 januari 2020, 5 jaar anciënniteit op 1 januari 2025 → A kan nog vrijstelling opbouwen en deze spreiden over vijf jaar.

  • Werknemer B

    In dienst sinds 1 november 2020, 5 jaar anciënniteit op 1 november 2025 → Geen nieuwe vrijstelling mogelijk, want dit valt na 1 september 2025.

  • Werknemer C

    In dienst sinds 15 augustus 2020, 5 jaar anciënniteit op 15 augustus 2025, loonsverhoging op 1 oktober 2025 → Vrijstelling kan nog toegepast worden op het loon tot en met 30 september 2025. De loonsverhoging vanaf 1 oktober 2025 wordt niet meegenomen.

Aanvraagprocedure

Om van deze vrijstelling te genieten, moet bij de aangifte van de inkomstenbelasting van elk belastbaar tijdperk waarvoor de werkgever een vrijstelling wenst, een lijst van in aanmerking komende werknemers worden ingediend bij de administratie via Belcotax-on-web.

Bron: Wet van 18 december 2025 houdende diverse bepalingen (1), Belgisch Staatsblad van 30 december 2025

Gerelateerd nieuws

Toon alle
Ben je graag mee met wat er bij Daenens Payroll Services leeft?
Laat je e-mailadres dan achter en we delen ons nieuws met je.
We houden je op de hoogte!

We houden je op de hoogte!

Bedankt voor je inschrijving op onze nuttige en fijne nieuwsbrief.

We houden je vanaf nu graag op de hoogte van wat reilt en zeilt binnen Daenens Payroll Services.