Een einde aan de arbeidsovereenkomst
Rechtspraak in de kijker: Reorganisatie zonder risico op impliciet ontslag: waar liggen de grenzen?
Bij een reorganisatie kunnen functies wijzigen van naam, plaats in het organigram of rapporteringslijn. De vraag is wanneer zo’n wijziging verder gaat dan een organisatorische aanpassing en een eenzijdige wijziging van een essentieel onderdeel van de arbeidsovereenkomst vormt. Een recent arrest van het arbeidshof Brussel geeft hierover meer duidelijkheid.
Feiten
Een werknemer was sinds 1997 actief bij een farmaceutische onderneming en werkte vanaf 2009 als Congress & Event Coordinator. Haar taken bestonden voornamelijk uit logistieke en operationele ondersteuning bij congressen en interne evenementen.
In 2021 voerde de werkgever een reorganisatie door. Haar functie kreeg een nieuwe naam (Customer Coordinator), ze werd opgenomen in een nieuwe organisatiestructuur en kreeg een andere plaats binnen het organigram. Volgens de werkgever veranderden enkel de functietitel en rapporteringslijn, zonder impact op de inhoud van haar functie.
De werknemer betwistte dit en stelde dat haar functie inhoudelijk was uitgehold, haar autonomie was verminderd en haar rol was herleid tot administratieve ondersteuning. Zij beschouwde dit als een impliciet ontslag en vorderde een opzeggingsvergoeding.
Beoordeling door het arbeidshof
De Franstalige arbeidsrechtbank Brussel volgde de redenering van de werknemer. Het arbeidshof Brussel vernietigde deze beslissing echter.
Het hof oordeelde dat de aard van een functie niet mag worden gelijkgesteld met een vaste en onveranderlijke opsomming van taken. Een arbeidsovereenkomst veronderstelt niet dat de werknemer gedurende de volledige tewerkstelling exact dezelfde opdrachten of werkwijze behoudt.
Bij de beoordeling moet worden gekeken naar de concrete taken, verantwoordelijkheden en het functieniveau. Een gewijzigde plaats in het organigram betekent op zichzelf niet dat sprake is van een degradatie.
In deze zaak stelde het hof vast dat de werknemer niet aantoonde dat haar verantwoordelijkheden wezenlijk waren verminderd. Uit de functiebeschrijvingen en de feitelijke uitvoering bleek dat haar taken ook na de reorganisatie hoofdzakelijk gericht bleven op logistieke en operationele ondersteuning van congressen en evenementen. Haar loon bleef bovendien ongewijzigd.
De gewijzigde functietitel, rapporteringslijn en plaats in het organigram vormden daarom geen eenzijdige wijziging van een essentieel bestanddeel van de arbeidsovereenkomst.
Het beroep op impliciet ontslag was volgens het arbeidshof Brussel ongegrond.
De werknemer werd beschouwd als de partij die de arbeidsovereenkomst had beëindigd en werd veroordeeld tot betaling van een opzeggingsvergoeding.
Belang voor werkgevers
Dit arrest bevestigt dat werkgevers bij een reorganisatie ruimte hebben om functies en taken anders te organiseren. Een wijziging is niet onrechtmatig zolang de essentie van de functie, het verantwoordelijkheidsniveau, de hiërarchische positie en het loon behouden blijven.
Een goed onderbouwd dossier is daarbij essentieel. Door de situatie voor en na de reorganisatie duidelijk te vergelijken aan de hand van functiebeschrijvingen, organigrammen, communicatie en concrete taakvoorbeelden kan worden aangetoond dat de functie gelijkwaardig blijft.
Een reorganisatie leidt dus niet automatisch tot een wijziging van de arbeidsovereenkomst, zolang de overeengekomen functie en essentiële arbeidsvoorwaarden worden gerespecteerd. Voor advies over reorganisaties of het herzien van structuren kan je contact opnemen met onze juridische dienst via juridischedienst.payroll@daenens.be.
Bron: Arbeidshof Brussel (Fr.) 1 juli 2026, 2023/AB/170, www.juportal.be.
Gerelateerd nieuws
Toon alleBlijf op de hoogte
Ben je graag mee met wat er bij Daenens Payroll Services leeft?Laat je e-mailadres dan achter en we delen ons nieuws met je.