-

Over payroll services

Langverwachte hervorming van de flexi-jobs gaat in vanaf 1 juli 2026!

Vanaf 1 juli 2026 zullen in alle sectoren flexi-job werknemers kunnen worden tewerkgesteld. Enkel in de sectoren waarvoor een volledige of gedeeltelijke opt-out geldt, zal flexi-jobben niet (volledig) mogelijk zijn. Vanaf 1 juli 2026 wijzigen ook enkele voorwaarden waaraan werknemers moeten voldoen om te kunnen werken als flexi-jobber. Het wetsontwerp werd op 17 juni 2026 in tweede lezing aangenomen in de Kamer, het is nu enkel nog wachten op de publicatie van de wet in het Belgisch Staatsblad. Wij maakten voor jullie een samenvatting.

Flexi-jobs overal toegelaten, behalve bij opt-out

Vanaf 1 juli 2026 mag elke publieke en private werkgever flexi-jobbers inzetten, behalve als er binnen de sector een opt-out geldt.

Wat is een opt-out?

Een opt-out betekent dat een sector (of een deel ervan) beslist om geen gebruik te maken van het systeem van flexi-jobs.

Het kan gaan om een volledige of een gedeeltelijke opt-out.

Volledige opt-out: het bevoegde paritair (sub)comité beslist om de volledige sector uit te sluiten.

Dit geldt bijvoorbeeld voor PC 132 (Ondernemingen van technische land- en tuinbouwwerken) en PC 144 (Landbouw).

Gedeeltelijke opt-out: in dat geval beslist het paritair (sub)comité dat flexi-jobs uitgesloten zijn in een deel van de sector. Enkele voorbeelden:

  • PC 143 (Zeevisserij): flexi-jobs zijn enkel toegelaten voor functies in pakhuizen en voor walpersoneel van rederijen

  • PC 145 (Tuinbouwbedrijf): flexi-jobs zijn enkel toegelaten in de subsector van de tuinaanleg (PC 145.04/145.440)

  • PC 320 (Begrafenisondernemingen): voorziet dat flexi-jobs enkel toegelaten zijn voor dragers die welbepaalde taken uitvoeren

  • PC 323 (Beheer van gebouwen, vastgoedmakelaars en dienstboden): flexi-jobs niet toegelaten voor dienstboden

Zowel bij een volledige als een gedeeltelijke opt-out is een koninklijk besluit altijd vereist. Pas dan treedt de uitsluiting effectief in werking.

De lijst met sectoren waar een (gedeeltelijke of volledige) opt-out geldt op 1 juli 2026, is op vandaag nog niet definitief. In principe hebben de sectoren immers nog tijd tem. 30 juni 2026 om een KB te sluiten waarin ze in een opt-out kunnen voorzien vanaf 1 juli 2026.

Een opt-out hoeft niet definitief te zijn. Na een opt-out kan een sector weer toetreden tot het systeem van flexi-jobs, volgens dezelfde procedure. Zo’n toetreding wordt een opt-in genoemd.

Wanneer kunnen er nieuwe opt-outs in werking treden?

  • Opt-outs die niet bestonden vóór 1 juli 2026 kunnen ten vroegste op 1 oktober 2026 in werking treden.

  • Voor een inwerkingtreding op 1 oktober 2026 moet het bevoegde paritair (sub)comité of bestuursniveau de opt-out ten laatste op 30 juni 2026 aanvragen bij de RSZ.

  • Voor een inwerkingtreding op 1 januari 2027 moet het bevoegde paritair (sub)comité of bestuursniveau de opt-out ten laatste op 30 september 2026 aanvragen bij de RSZ.

  • Vanaf 2027 gebeuren de opt-outs en eventuele navolgende opt-ins op jaarbasis, dus telkens met inwerkingtreding op 1 januari.

Nieuwe voorwaarden

Niet iedereen komt in aanmerking voor een flexi-job.

Je kan een flexi-jobber alleen aanwerven als hij of zij tot één van deze categorieën behoort:

  1. Actieve werknemers die minstens 4/5 werken bij één of meerdere andere werkgevers in het derde voorgaande kwartaal.

  2. Gepensioneerden: voor deze groep is er een belangrijke wijziging, namelijk dat het kwartaal waarin de RSZ in het pensioenkadaster controleert of iemand gepensioneerd is, vanaf 1 juli 2026 wordt opgeschoven van kwartaal “T-2” naar kwartaal “T”. Kwartaal “T” is het kwartaal waarin de flexi-job wordt uitgeoefend. Vanaf 1 juli 2026 is het dus zo dat wie een pensioen ontvangt, onmiddellijk mag flexi-jobben als gepensioneerde, zonder een tewerkstelling te moeten aantonen van minstens 80% in kwartaal “T-3”.

Let wel: ben je de werkgever van vóór het pensioen, dan gelden wel extra beperkingen. Zo moet je minstens wachten tot het kwartaal na het kwartaal waarin de werknemer met pensioen ging.

Is jouw onderneming verbonden met een andere onderneming?

De bestaande regeling die stelt dat werknemers van een verbonden onderneming die daar zijn tewerkgesteld voor minstens 80% bij jou niet mogen flexi-jobben, blijft bestaan.

Echter, vanaf 1 juli 2026 mogen werknemers die naast de flexi-job elders al een reguliere voltijdse tewerkstelling hebben (al dan niet bij de verbonden onderneming) wel bij jou flexi-jobben.

Uitzendbureaus mogen vanaf 1 juli 2026 eenzelfde persoon tewerkstellen als uitzendkracht en als flexi-jobber, op voorwaarde dat dit niet bij dezelfde gebruiker gebeurt.

Flexi-jobs verbonden aan bepaalde functies

Flexi-jobs blijven niet toegelaten voor:

  • artistieke, artistiek-technische en artistiek-ondersteunende functies

  • sekswerkers in PC 302 (Horeca)

Flexi-jobs worden vanaf 1 juli 2026 wel mogelijk voor gezondheidszorgfuncties, zoals bijvoorbeeld een verpleegkundige. Vanzelfsprekend moeten alle voorwaarden inzake diploma en kwalificaties voldaan zijn.

De kinderopvang- en gezondheidszorgsectoren kunnen aanvragen dat flexi-jobs worden beperkt tot een bepaald percentage van het totale arbeidsvolume bij een werkgever. De Vlaamse kinderopvang heeft van die mogelijkheid gebruikgemaakt.

Maximale inkomsten als flexi-job

De werknemer ontvangt een flexi-loon dat zowel op sociaal als fiscaal vlak voordelig is. In principe is dat inkomen binnen bepaalde grenzen vrijgesteld van persoonlijke sociale bijdragen en belastingen.

Voor het inkomstenjaar 2026 is het belastingvrije maximum voor flexi-jobs van niet-gepensioneerde werknemers vastgesteld op 18.440 EUR (in 2025 bedroeg dat 18.000 EUR).

Wettelijk gepensioneerden mogen met een flexi-job onbeperkt bijverdienen.

Voor andere gepensioneerden (bv. jonger dan 65 jaar) gelden er inkomensgrenzen, die afhankelijk zijn van de persoonlijke situatie van de gepensioneerde.

Flexiloon

Een flexi-jobber mag niet méér verdienen dan 150% van het toepasselijke baremaloon, tenzij een sectorale cao een ander maximum vaststelt. In dit plafond zitten het uurloon en eventuele bijkomende vergoedingen, premies en voordelen die je toekent, op voorwaarde dat die onderworpen zijn aan RSZ-bijdragen.

Vanaf 1 juli 2026 verandert wel het volgende:

  • Sectoren mogen geen ander maximum meer bepalen.

  • Aan RSZ-bijdragen onderworpen vergoedingen, premies en voordelen tellen enkel nog mee voor het maximum flexiloon als je ze toekent zonder dat een wettelijke, reglementaire of cao-bepaling dit oplegt. Vergoedingen, premies en voordelen die je verplicht moet toekennen aan flexi-jobwerknemers (bijvoorbeeld een sectorale premie) zijn vanaf 1 juli 2026 dus niet langer aan de beperking van het maximum flexiloon onderworpen.

Opgelet: in de horeca(PC 302) geldt vanaf 1 juli 2026 een specifiek maximum flexiloon van 21 EUR per uur (te indexeren). Het plafond van 150% zoals in andere sectoren voorzien is, is hier niet van toepassing.

Inwerkingtreding

Deze hervorming treedt, onder voorbehoud van publicatie in het Belgisch Staatsblad, in werking op 1 juli 2026.

Bron: Wetsontwerp houdende diverse bepalingen inzake flexi-jobs , Doc 56 1526/004.

Gerelateerd nieuws

Toon alle
Ben je graag mee met wat er bij Daenens Payroll Services leeft?
Laat je e-mailadres dan achter en we delen ons nieuws met je.
We houden je op de hoogte!

We houden je op de hoogte!

Bedankt voor je inschrijving op onze nuttige en fijne nieuwsbrief.

We houden je vanaf nu graag op de hoogte van wat reilt en zeilt binnen Daenens Payroll Services.