-

Woonwerkverkeer, Mobiliteit

Belangrijke fiscale wijzigingen inzake bedrijfsfietsen en fietsvergoeding vanaf 2025

Eerder lieten we jou al weten dat de bedrijfsfiets voortaan vermeld moet worden op de fiscale fiche.

Wij willen jou graag nog wat extra informeren over enkele belangrijke veranderingen die van invloed kunnen zijn op de toekenning van bedrijfsfietsen aan jouw werknemers of bedrijfsleiders vanaf het aanslagjaar 2025. Op werkgeversniveau verandert er niets. Deze veranderingen zijn vooral relevant voor jouw werknemers of bedrijfsleiders.

Hieronder vind je een overzicht van de nieuwe regelingen en hun impact op jouw werknemers of bedrijfsleiders.

1. Bedrijfsfiets: Voordeel van Alle Aard (VAA)

Een bedrijfsfiets kan aan werknemers of bedrijfsleiders worden toegekend en is vrijgesteld van RSZ/belastingen als deze minstens 10% gebruikt wordt voor woon-werkverkeer. Echter, deze vrijstelling is afhankelijk van de keuze tussen forfaitaire of werkelijke beroepskosten.

Bij keuze voor forfaitaire beroepskosten, geniet men automatisch van de vrijstelling op de bedrijfsfiets en fietsvergoeding.

Bij keuze voor werkelijke beroepskosten, is er geen vrijstelling en worden de vergoedingen belast tegen het progressieve tarief.

2. Fietsvergoeding: Verhoging en Vrijstellingsplafond

De overheid heeft het basisbedrag van de fietsvergoeding verhoogd en een jaarlijks vrijstellingsplafond ingevoerd.

2.1 Verhoging Fietsvergoeding

Vanaf aanslagjaar 2025 bedraagt het geïndexeerde bedrag bedraagt €0,35 per kilometer.

2.2 Vrijstellingsplafond

Het jaarlijks plafondbedrag voor vrijstelling is vastgesteld op €2.500 (geïndexeerd bedrag) per belastingplichtige en per belastbaar tijdperk.

Enkel het gedeelte van de fietsvergoeding dat onder dit plafond blijft, is vrijgesteld van belastingen wanneer gekozen wordt voor forfaitaire beroepskosten.

Het overschrijdende gedeelte wordt onderworpen aan bedrijfsvoorheffing en socialezekerheidsbijdragen.

3. Gevolgen op vlak van de bedrijfsvoorheffing en de fiscale fiche

3.1 Bedrijfsvoorheffing

De fietsvergoeding en het voordeel van de bedrijfsfiets zijn vrijgesteld van bedrijfsvoorheffing, mits voldaan aan de voorwaarde van forfaitaire beroepskosten. De werkgever hoeft geen schriftelijke verklaring meer te hebben voor de toepassing van deze regels. Aangezien de controle nu op niveau van de belastingaangifte gebeurt.

3.2 Fiscale Fiches

De fietsvergoeding en het voordeel van de bedrijfsfiets moeten volledig vermeld worden op de fiscale fiches 281.10 en 281.20.

3.3 Belastbaar Bedrag

Bij terbeschikkingstelling van een bedrijfsfiets, moet de werkelijke waarde van het voordeel worden vastgesteld voor fiscale doeleinden.

Om de werkelijke waarde van het voordeel te kunnen vaststellen, dient er rekening gehouden te worden met volgende elementen:

  • Aard van het aanbod: Wat wordt er exact kosteloos ter beschikking gesteld? Een fiets, elektrische fiets, accessoires, herstellingsdiensten…

  • Grootte van het aanbod: Mag de verkrijger permanent of slechts op beperkte wijze over de fiets beschikken? Bij een permanent gebruik, moet het voordeel worden vastgesteld op jaarbasis. Bij gebruik op een beperkte wijze, moet het voordeel worden vastgesteld, rekening houdende met de frequentie en de duur van het gebruik, dit kan per dag, per week of per maand. Indien de fiets niet is toegewezen aan een specifieke werknemer maar de werknemer mag er wel gebruik van maken wanneer hij wil, wordt dit gezien als permanente beschikking. Wanneer de permanente beschikking geen volledig jaar beslaat, dan zal het voordeel op jaarbasis pro-rata worden verminderd.

  • Veel voorkomende gevallen:

    • De werkgever leaset een fiets en de werknemer kan er het hele jaar door over beschikken: het voordeel wordt vastgesteld op basis van de door de werkgever gedragen kosten.

    • De werkgever leaset een fiets en deze maakt deel uit van een pool zonder te zijn toegewezen een aan specifieke werknemer. De werknemer kan het volledige jaar de fiets vrij gebruiken: het voordeel wordt vastgesteld op basis van de door de werkgever gedragen kosten.

    • De werkgever leaset een fiets en deze maakt deel uit van een pool zonder te zijn toegewezen een aan specifieke werknemer. De werknemer moet de fiets delen met andere werknemers en kan er niet vrij over beschikken: Dan dient het voordeel prorata als volgt te worden berekend: huurprijs x (aantal dagen/week ter beschikking van werknemer x 52 weken) + (aantal dagen/week ter beschikking van werknemer x 12 maanden) / 365 dagen (366 dagen in een schrikkeljaar)

    • De werkgever koopt een elektrische fiets met toebehoren en stelt deze permanent ter beschikking aan zijn werknemer. De werkgever neemt tevens de herstellings- en onderhoudskosten ten laste. De werknemer kan het hele jaar door vrij over de fiets beschikken: Dan dient het voordeel als volgt berekend te worden: VAA = (waarde fiets + waarde accessoires fiets)/5 jaar* + kostprijs/jaar onderhoudskosten. * 5 jaar = wordt gezien als de gemiddelde economische levensduur van een fiets.

    • De werkgever koopt een elektrische fiets met toebehoren en stelt deze permanent ter beschikking aan zijn werknemer. De werkgever neemt tevens de herstellings-, onderhouds- en verzekeringskosten ten laste. De werknemer kan het hele jaar door vrij over de fiets beschikken zodat de werknemer geen enkele kost moet dragen: Hier kan er gesteld worden dat het voordeel overeenstemt met de huur die de werkgever had moeten dragen indien hij de fiets geleaset had indien de leaseovereenkomst een vergelijkbare dienst aanbood.

  • Waarde van het aanbod: De waarde van de fiets en van de eventuele toebehoren en/of aangeboden diensten. In elk geval is dit telkens inclusief btw.

  • Vaststelling van het voordeel: Het voordeel dient door de onderneming op zijn werkelijke waarde voor de verkrijger vastgesteld te worden. Het voordeel moet overeenkomen met de door hem gerealiseerde besparing.

4. Aftrekbaarheid van kosten voor gebruik van de fiets

Werknemers en bedrijfsleiders die kiezen voor de aftrek van werkelijke beroepskosten kunnen aanspraak maken op een kostenforfait per afgelegde kilometer voor woon-werkverkeer met de fiets.

  • Vanaf aanslagjaar 2025 (inkomsten 2024) bedraagt het geïndexeerde bedrag van dit kostenforfait 0,35 euro per afgelegde kilometer;

  • De werkelijk gemaakte kosten voor het gebruik van de fiets in het kader van verplaatsingen tussen de woonplaats en de tewerkstelling waarvan bewijs voorhanden is, is in principe volledig aftrekbaar van de belastbare grondslag van de belastingplichtige.

We hopen jou hiermee voldoende geïnformeerd te hebben over de nieuwe regelingen rondom de bedrijfsfiets en fietsvergoeding.

Mocht je nog vragen hebben, aarzel dan niet en neem contact op met jouw dossierbeheerder.

Gerelateerd nieuws

Toon alle
Ben je graag mee met wat er bij Daenens Payroll Services leeft?
Laat je e-mailadres dan achter en we delen ons nieuws met je.
We houden je op de hoogte!

We houden je op de hoogte!

Bedankt voor je inschrijving op onze nuttige en fijne nieuwsbrief.

We houden je vanaf nu graag op de hoogte van wat reilt en zeilt binnen Daenens Payroll Services.