Arbeidsovereenkomsten, Schorsingen van de arbeidsovereenkomst
Borstvoedingspauzes op het werk: alles wat werkgevers moeten weten
Tijdens de internationale borstvoedingsweek zetten we een belangrijk thema in de kijker: borstvoedingspauzes op het werk. Werkgevers krijgen regelmatig vragen over de praktische en juridische regels. Daarom bundelen de meest gestelde vragen in één handig overzicht.
Veelgestelde vragen
Werkneemsters die bevallen zijn en terug aan het werk gaan hebben recht op borstvoedingspauzes.
Een borstvoedingspauze is een werkonderbreking die werkneemsters toelaat om hun baby borstvoeding te geven of melk af te kolven.
De werkneemster kan deze pauzes opnemen tot 9 maanden na de geboorte van haar kind.
De duur van de borstvoedingspauzes zijn afhankelijk van de voorziene arbeidsduur.
Als de arbeidsprestaties van de werkneemster 4 uur of langer duren in de loop van de dag, dan kan de werkneemster één pauze van een half uur nemen.
Als de arbeidsprestaties van de werkneemster ten minste 7,5 uren bedragen in de loop van de dag, dan heeft zij recht op 2 borstvoedingspauzes van een half uur. Ze kan deze pauzes na elkaar of in 2 keer nemen.
De werkgever en werknemer spreken in onderling akkoord af op welke ogenblikken van de dag de pauzes kunnen opgenomen worden.
Het ziekenfonds vergoedt die borstvoedingspauzes.
De uitkering voor borstvoedingspauzes bedraagt 82 % van het (onbegrensde) brutoloon.
De werkneemster moet haar werkgever op de hoogte brengen, minstens 2 maanden voordat ze met de borstvoedingspauzes van start wil gaan.
Dit kan gebeuren door middel van een aangetekend schrijven of door de overhandiging van een brief waarvan een exemplaar voor ontvangst wordt ondertekend door de werkgever.
Verder is er ook een attest nodig om te bewijzen dat de vrouw inderdaad borstvoeding geeft. Dit kan bij Kind & Gezin of bij de arts verkregen worden. Een attest afgeleverd door een als vroedvrouw erkende persoon geldt vanaf 27 mei 2025 ook als bewijs.
Dit bewijs moet iedere maand opnieuw geleverd worden.
De werkgever is verplicht om voor een goed verwarmde en verluchte ruimte te zorgen waarin de werkneemster borstvoeding kan geven of kan afkolven.
Deze ruimte moet over een koelkast beschikken en er moet een aangename zetel staan.
De werkneemster is beschermd tegen ontslag vanaf de dag van de aanvraag van de borstvoedingspauze (in principe twee maanden voor de uitoefening van het recht).
De bescherming eindigt na een periode van een maand die begint de dag na het verstrijken van de geldigheid van het laatste attest of het laatste medisch getuigschrift.
Bron: CAO 80 bis van 13 oktober 2010, algemeen verbindend verklaard door K.B. van 5 december 2010, Belgisch Staatsblad 20 december 2010
Gerelateerd nieuws
Toon alleBlijf op de hoogte
Ben je graag mee met wat er bij Daenens Payroll Services leeft?Laat je e-mailadres dan achter en we delen ons nieuws met je.