Over payroll services
Vergeet de deadline van 31 maart 2026 niet voor het opmaken van jullie opleidingsplan!
Werkgevers die meer dan 20 werknemers tewerkstellen, hebben tem. 31 maart 2026 de tijd om een opleidingsplan op te stellen dat in hun bedrijf moet worden uitgevoerd.
Vanaf 2026 hebben alle werknemers die tewerkgesteld zijn in bedrijven met minstens 10 werknemers, recht op opleiding. Enkel de bedrijven met meer dan 20 werknemers zijn verplicht om jaarlijks een opleidingsplan op te stellen.
Het individuele opleidingsrecht
Of een werknemer recht heeft op opleiding en hoeveel dagen het opleidingskrediet bedraagt, is afhankelijk van het aantal werknemers in het bedrijf:
In bedrijven met minstens 20 werknemers: gemiddeld 5 dagen opleiding per voltijdsequivalent per jaar.
In bedrijven met 10 tot 19 werknemers: gemiddeld 1 dag opleiding per voltijdsequivalent per jaar.
In bedrijven met minder dan 10 werknemers: geen recht op individuele opleidingen.
Let op: in bepaalde sectoren zijn cao-akkoorden gesloten die een groeipad bieden naar het recht op 5 dagen opleiding per jaar.
Het opleidingsplan
Werkgevers met 20 of meer werknemers die onder de CAO-wet vallen, zijn verplicht een opleidingsplan op te stellen. Dit geldt vooral voor werkgevers in de private sector.
Om te bepalen of een bedrijf 20 of meer werknemers heeft, wordt gekeken naar het aantal voltijdsequivalenten (FTE) op de laatste dag van een reeks van vier opeenvolgende kwartalen. De berekening gebeurt op het niveau van de juridische entiteit en omvat alleen werknemers die onder de RSZ-regeling vallen (studenten die enkel solidariteitsbijdragen betalen, worden uitgesloten).
Inhoud van het opleidingsplan
Het opleidingsplan moet minimaal het volgende bevatten:
de formele opleidingen; hiermee worden bedoeld de opleidingen:
bestaande uit door lesgevers of opleiders ontwikkelde cursussen en stages;
gekenmerkt door een hoge graad van organisatie van de opleider of opleidingsinstelling;
die doorgaan op een plaats die duidelijk van de werkplek gescheiden is;
die gericht zijn tot een groep werknemers;
en die ontwikkeld en beheerd worden door de onderneming zelf of door een extern organisme.
de informele opleidingen; hiermee worden bedoeld de opleidingen:
bestaande uit opleidingsactiviteiten die rechtstreeks betrekking hebben op het werk (of de werkplek), maar andere dan deze bedoeld hierboven;
gekenmerkt door een hoge graad van zelforganisatie door de individuele werknemer of door een groep werknemers (tijd, plaats, inhoud);
en waarvan de inhoud gekozen wordt volgens de individuele behoeften.
een toelichting over de wijze waarop het plan bijdraagt aan de investeringen in opleiding.
Bij de opmaak van dit plan besteed je aandacht aan de genderdimensie, en houd je ook rekening met welbepaalde risicogroepen, zoals onder meer vijftigplussers en werknemers met een handicap.
Procedure en termijn
Het opleidingsplan voor werknemers wordt opgesteld op basis van een overlegprocedure.
De procedure is verschillend voor ondernemingen met een ondernemingsraad/vakbondsafvaardiging of ondernemingen zonder deze overlegorganen.
In ondernemingen met een ondernemingsraad of, bij gebrek hieraan, een vakbondsafvaardiging bestaat, verloopt de procedure als volgt:
je stelt als werkgever een ontwerp van opleidingsplan op;
je deelt dat ontwerp mee aan de OR of, bij gebrek hieraan, aan de VA ;
ten minste 15 dagen na deze mededeling wordt een vergadering van de OR of, bij gebrek hieraan, met de VA gepland om het ontwerp te bestuderen;
de OR of, bij gebrek hieraan, de VA brengt uiterlijk op 15 maart 2026 advies uit;
de inhoud van het opleidingsplan moet uiterlijk op 31 maart 2026 worden vastgesteld.
Als er in je onderneming geen OR of VA bestaat, dient de volgende procedure nageleefd te worden:
je stelt als werkgever een ontwerp van opleidingsplan op;
je legt dat ontwerp uiterlijk op 15 maart 2026 aan je werknemers voor;
de inhoud van het opleidingsplan moet uiterlijk op 31 maart 2026 worden vastgesteld.
Verdere communicatie
Indien het opleidingsplan persoonlijke gegevens van de werknemers bevat, moet de werkgever deze eerst anonimiseren, vooraleer een kopie van het opleidingsplan over te maken.
Binnen één maand na de inwerkingtreding van het plan moet je het opleidingsplan elektronisch indienen via de toepassing transfer.werk.belgie.be die ter beschikking wordt gesteld door de FOD WASO.
Je bewaart het opleidingsplan voor de werknemers in de onderneming.
Je werknemers en hun vertegenwoordigers hebben het recht om het opleidingsplan op eenvoudig verzoek in te zien.
Voor een model van opleidingsplan kunnen jullie terecht bij onze juridische dienst via juridischedienst.payroll@daenens.be.
Gerelateerd nieuws
Toon alleBlijf op de hoogte
Ben je graag mee met wat er bij Daenens Payroll Services leeft?Laat je e-mailadres dan achter en we delen ons nieuws met je.