Over payroll services, Paritair comité
Protocolakkoord 2025-2026 voor PC 200
Op 18 december 2025 hebben de sociale partners binnen het paritair comité 200 een protocolakkoord voor de periode 2025-2026 afgesloten.
Het protocolakkoord 2025-2026 vormt de basis voor verschillende sectorale CAO’s, die zo spoedig mogelijk algemeen verbindend zullen worden verklaard. Het akkoord is van toepassing op alle werkgevers en bedienden die ressorteren onder de bevoegdheid van dit paritair comité (APCB).
Wij maakten een overzicht op van de belangrijkste zaken die voorzien werden in het sectorakkoord. Tenzij uitdrukkelijk anders bepaald, geldt het akkoord voor de periode van 1 januari 2025 tot en met 31 december 2026.
Wijzigingen aan de eindejaarspremie:
Vanaf 1 januari 2026 worden 5 dagen tijdelijke werkloosheid door economische redenen of overmacht voortaan gelijkgesteld met gewerkte dagen voor het recht op een eindejaarspremie.
De vereiste anciënniteit om recht te hebben op een eindejaarspremie bij eigen ontslag door de bediende of bij een beëindiging in onderling akkoord wordt ook teruggebracht van vijf naar drie jaar.
Bij de toekenningsvoorwaarden werd toegevoegd dat de bedienden, die in de loop van het jaar werden ontslagen door de werkgever, behalve om dringende reden, en die hun tegenopzegging betekenden, ook aanspraak kunnen maken op een geprotariseerde eindejaarspremie.
Bovendien zullen de sociale partners 2 unanieme interpretatienota’s opnemen als bijlage bij de CAO van 9 juni 2016 inzake de gelijkstelling voor “60 dagen ziekte of ongeval” vervat in artikel 4 met het oog op een uniforme benadering en berekening van de eindejaarspremie.
Mobiliteit
Vanaf 1 januari 2026 betaalt de werkgever 100% van de prijs van een treinkaart tweede klasse, vanaf de eerste kilometer. Werkgevers wordt aangeraden een derdebetalersregeling met NMBS af te sluiten, zodat 20% door de overheid wordt gedragen.
De fietsvergoeding stijgt vanaf 1 oktober 2026 naar 0,32 EUR per effectief met de fiets afgelegde kilometer, met een maximum van 12,80 EUR per werkdag.
Het jaarlijkse brutogrensbedrag voor de tegemoetkoming in het privévervoer wordt op 1 januari 2026 aangepast en zal voortaan jaarlijks geïndexeerd worden, volgens hetzelfde mechanisme als de lonen. De eerste indexatie volgt op 1 januari 2027.
Tijdskrediet en landingsbanen
Verlenging van het stelsel van tijdskrediet (inclusief het stelsel van tijdskrediet met motief), alsook van de stelsels landingsbanen 1/5de vanaf 55 jaar en halftijds vanaf 55 jaar voor de periode van 01.01.2026 t.e.m. 31.12.2027 alsook voor de periode van 01.01.2028 t.e.m. 30.06.2029.
Behoud van de bijkomende uitkering voor rekening van het Sociaal Fonds voor de bedienden die een landingsbaan 1/5de starten vanaf 60 jaar of later alsook voor de bedienden die, cf. de CAO nr. 179 en de CAO nr. 180 van de NAR (lange loopbaan 35 jaar, zwaar beroep en 20 jaar nachtarbeid), een landingsbaan 1/5de starten vanaf 55 jaar of later, en dit voor de periode van 01.01.2026 t.e.m. 31.12.2027 alsook voor de periode van 01.01.2028 t.e.m. 30.06.2029.
Verlenging van de aanmoedigingspremies van de Vlaamse Gemeenschap.
Klein verlet
De dagen klein verlet waarop een werknemer recht heeft in het kader van het rouwverlof worden vanaf 1 januari 2026 als volgt uitgebreid:
Bij het overlijden van de echtgeno(o)t(e) of wettelijk samenwonende partner van de bediende, van een kind van de bediende of van zijn echtgeno(o)t(e) of wettelijk samenwonende partner worden 2 extra dagen toegekend. Werknemers krijgen voortaan dus 12 dagen rouwverlof.
3 dagen kunnen opgenomen worden tijdens de periode die begint met de dag van het overlijden en eindigt de dag van de begrafenis.
9 dagen kunnen naar keuze worden opgenomen binnen één jaar na het overlijden.
Bij het overlijden van de vader of moeder van de bediende of van zijn echtgeno(o)te of wettelijk samenwonende partner worden 2 extra dagen voorzien. Vanaf 1 januari 2026 kan de bediende 5 dagen opnemen tijdens de periode die begint met de dag van het overlijden en eindigt de dag van de begrafenis.
Re-integratie
Afwezigheid door langdurige ziekte heeft een hoge impact voor de werkgever, voor de sociale zekerheid en voor de maatschappij, maar zeker ook voor de arbeidsongeschikte bediende zelf. Hoe langer iemand arbeidsongeschikt is, hoe hoger de drempel veelal wordt om opnieuw duurzaam aan de slag te gaan.
Re-integratie bij de werkgever, of het faciliteren van de werkhervatting van bedienden na een (langdurige) herstelperiode bij ziekte of ongeval, of die een specifieke gezondheidsproblematiek hebben, is dan ook van het grootste belang.
In dit kader wensen de sociale partners het reglementair kader extra in het voetlicht te plaatsen door de werkgevers en bedienden in de sector via het Sociaal Fonds PC 200 good practices, instrumenten, etc. aan te reiken alsook een brede campagne rond de problematiek te organiseren.
De raad van beheer van het Sociaal Fonds PC 200 zal zich over de concrete invulling buigen. De responsabiliseringsbijdrage voor 2023, 2024 en 2025 zal als (begin van) financiering kunnen dienen; een CAO zal daartoe worden afgesloten.
Telewerk
De sociale partners moedigen de ondernemingen aan om, wanneer zij telewerk implementeren of het kader inzake telewerk fundamenteel wijzigen, dit gedurende de looptijd van dit akkoord op te nemen in de sociale dialoog op ondernemingsniveau. De sociale partners lijsten enkele topics op die daarbij aanbod kunnen komen.
Artificiële intelligentie (ai)
De sociale partners doen een aanbeveling met als doel om bij te dragen aan een groter bewustzijn en een verantwoorde en mensgerichte ondersteuning van het gebruik van AI, zodat organisaties en werknemers de voordelen verder kunnen benutten. De sociale partners raden de ondernemingen en hun werknemers aan om voor een mensgerichte en duurzame invulling van digitalisering en AI in te zetten op kennisvergaring, opleiding, overleg, transparantie, welzijn, en vertrouwen (privacy).
Bijdrage sociaal fonds
De bijdrage van de werkgevers aan het Sociaal Fonds bepaald op 0,23% van de brutolonen van de bedienden van de ondernemingen, wordt verlengd voor de periode van 1 januari 2026 tot en met 31 december 2027. De afspraken voor de risicogroepen worden verlengd (vorming).
Maaltijdcheques
De sector maakte geen afspraken rond de invoering of verhoging van maaltijdcheques.
Als werkgever ben je dus niet verplicht om die aan je bedienden toe te kennen.
Als je wel al maaltijdcheques toekende kan je vrijwillig jouw werkgeversbijdrage in de maaltijdcheques verhogen (tot maximum 8,91 EUR per cheque en dit vanaf 1 januari 2026).
In dat geval moet je een ondernemings-cao afsluiten of een bijlage toevoegen aan de arbeidsovereenkomst. Hiervoor kunt u terecht bij onze juridische dienst.
Gerelateerd nieuws
Toon alleBlijf op de hoogte
Ben je graag mee met wat er bij Daenens Payroll Services leeft?Laat je e-mailadres dan achter en we delen ons nieuws met je.